woensdag 20 maart 2013

Ons huis in het Leuvenumse bos II


Mijn ouderlijk huis leek op een romantische Engelse cottage en lag op een bebost stuk grond van ongeveer 2.800 vierkante meter  dat grensde aan het terrein van de Willem George Frederik kazerne, in Harderwijk beter bekend als de WGF.
Afgezien van de ligging op die fantastische plek in het bos, had ons houten huis voor- en nadelen. Tot de voordelen behoorden de ruime kamers en de grote hal en lange gang, waarin we bij slecht weer konden spelen. Een ander voordeel was dat alle kamers op de begane grond waren. Het belangrijkste nadeel was dat ons huis bijzonder slecht was geïsoleerd. Het was er in de zomer vaak gloeiend heet en in de winter ijzig koud. Er was geen centrale verwarming en het kwam geregeld voor dat er aan de binnenkant van onze slaapkamers ijsbloemen op de ramen stonden. Zelfs de luiken aan de buitenkant konden dat niet verhinderen.


Ontstaan van het huis

Het houten  gebouw waarin ons huis was gevestigd, was in 1939 opgetrokken als tijdelijke directiekeet en uitvoeringskantoor voor de bouw van de kazerne met de bedoeling om het, na voltooiing van de kazerne, te slopen. 
Dat liep anders want op het moment van de Duitse inval, in mei 1940, was de kazerne pas gedeeltelijk voltooid. De bouw lag aanvankelijk stil maar werd na enige tijd door de Duitsers hervat . Zij bouwden de WGF kazerne uiteindelijk af.
Na de oorlog stond het houten directiegebouw er nog steeds en toen werd door Defensie besloten om de ruimte te benutten voor een drietal woningen ten behoeve van burgerstafmedewerkers van de Dienst der Genie. Zo  kon men een kleine bijdrage leveren aan de enorme behoefte aan woonruimte,  die meteen na de oorlog ontstond. 
Het was de bedoeling dat de woningen slechts gedurende een beperkte tijd zouden blijven bestaan want de levensduur van het gebouw werd geschat op zeker niet meer dan 25 jaar.
Mijn vader heeft er uiteindelijk 61 jaar gewoond en het gebouw staat in 2013 (inmiddels dus 74 jaar oud)  nog steeds overeind en wordt nog steeds bewoond …..Maar ook dit gebouw is niet gemaakt voor de eeuwigheid. Toen het eigendom overging in handen van het opleidingsinstituut voor de wegenbouw (SOMA), dat nu is gevestigd op het terrein van de voormalige WGF kazerne, werden afspraken gemaakt met de bewoners. Die kwamen er op neer dat degenen die er toen woonden, hun woning voor onbepaalde tijd mochten aanhouden. Maar als de laatste oorspronkelijke bewoonster is vertrokken, staat het gebouw op de nominatie om te worden gesloopt.


Bewoningsgeschiedenis van het huis

Gezien vanaf de ingang van het terrein woonden wij  in de eerste woning op Leuvenumseweg 1 (voorheen Boekhorstlaan 20-I; zie mijn vorige blog).
Mijn  ouders zijn daar, meteen na hun huwelijk, in december 1945 gaan wonen. De moeder van mijn vader trok bij hen in en heeft er tot 1966 gewoond. Na mijn geboorte (1947)  en die van mijn broertje, Paul (1949) woonden wij er met zijn vijven.

Op deze foto uit ca 1949 is ons huis nog bruin, later zou het wit worden geverfd
Hier zit ik te midden van mijn Amsterdamse tweeling nichtjes Marja en Marjolein. 
















Hier sta ik voor het hek tussen tuin en toegangspad naar ons huis (ca 1950)














In de overige twee woningen, Leuvenumseweg 3 en 5, woonden achtereenvolgens de volgende gezinnen :
Aanvankelijk werd het middelste huis  bewoond  door een, naar verluidt,  vrij asociaal gezin, waarvan ik de naam niet weet en waarvan ik me ook niets kan herinneren; zij vertrokken reeds in mijn geboortejaar, 1947, naar elders.
De familie De Bruin (oom Cor, tante Ankie en hun zoon  Dikkie, die een half jaar jonger was dan ik) woonden  van 1946 tot 1955 in de achterste woning . Zij zijn in 1955 verhuisd naar Apeldoorn.
De familie Geursen (oom Thijs, tante Geert, Jolien en Hetty) woonden  van 1947 tot 1951 in het middelste huis. In 1951 zijn zij verhuisd naar Noordwijk en later naar Maassluis.
De familie Daansen (oom Barend, tante Willy, Conny, Jacqueline en Pieter)woonden  vanaf 1951 in de  middelste woning  en vanaf 1955 in het (ruimere) achterste huis. Tante Willy heeft daar tot haar overlijden  in december 2005 gewoond.
De familie Hieter (oom Joop en tante Ank) woonden van 1955 tot 1957 in de middelste woning. In 1957 verhuisden zij naar Breda.
De familie Biesheuvel (oom Harrie, tante Iet, Marguerite, Dick en Anette) bewoonden  vanaf 1957 het middelste huis. Tante Iet woont er nog steeds in 2013.

Van links naar rechts voor ons inmiddels witgeschilderde huis (ca 1960):
In de deuropening: mijn moeder Ina Offerman-Weenink en buurvrouw Willy Daansen-Becu
Op de voorgrond: Pieter, Jacquelien en Connie Daansen en Marguerite Biesheuvel.







Een van mijn eerste zelfgemaakte foto's uit ca 1960:
 Buurman Barend Daansen met een kruiwagen vol kinderen:
 onderop Connie, in het midden Jacquelien en bovenop Pieter Daansen.


Opgroeien met de buren

Gedurende een aantal jaren woonden er in onze drie woningen in totaal 15 mensen. Maar vaak was het er nog veel drukker want onze huizen en het bos eromheen oefenden een grote aantrekkingskracht uit op schoolvriendjes en vriendinnetjes. De grote gemeenschappelijke tuin en de omgeving boden legio speelmogelijkheden. In de tuin waren een paar schommels en een rekstok en achterin stond zelfs een tijdje een oude auto zonder motor waarin wij konden spelen (voor de liefhebbers: een in Tsechoslowakije gebouwde Aero Minor stationcar met triplex zijpanelen).

Midden jaren vijftig werd een deel van de bomen in de tuin gekapt om plaats te maken voor een gazon. Dat gaf een ruimtelijker effect en er kwam meer licht in huis.

Het huis Leuvenumseweg 1-3-5 in de winter van 2012 (foto van Geeske Verhoeve) 

1 opmerking:

  1. Leuk stuk,
    Ik zal het doorsturen aan Pieter. We zaten net te chatten over de WGF kazerne en het ouderlijk huis. Ik vertelde Pieter dat een deel van de WGF kazerne door de Duitsers was gebouwd in de bekende NAZI architectuur. Dat soort weetjes vind ik altijd grappig. Pieter vroeg zich af of jullie (dus ook zijn) huis door de Duitsers was gebouwd. Ik probeerde het op te zoeken en kwam op jouw page uit. Leuk en bedankt. Ik speel het door aan Pieter. Vriendelijke groet Bram Kole

    BeantwoordenVerwijderen